De boodschapper

Ben je Nijmegenaar als je er meer dan twintig jaar hebt gewoond? Nooit woonde ik ergens langer, maar ik aarzel om mezelf Nijmegenaar te noemen. Waarschijnlijk beslis je zoiets ook niet zelf, maar zijn het de andere Nijmegenaren die bepalen of jij ‘erbij hoort’ of niet. Het definitieve oordeel hierover heb ik van hen nog niet ontvangen. Maar dat kan nog komen, voorlopig heb ik geen verhuisplannen.

Van mijn beginjaren als student herinner ik me een gezellige, maar groezelige stad. De benedenstad was net opgeknapt, de Waalkade met het marmeren Casino-front stond nog te blinken van nieuwheid. Maar verder? Door de Molenstraat reden nog gewoon auto’s–dat was nog lang niet het bruisende uitgaansgebied wat Sjoerd Kooistra er later van maakte. En uitgaan deed je bij voorkeur in kelders, leek het wel, zoals Gonzo, O42 en Diogenes. De danstent België die later opende, was daarbij vergeleken een oase van grandeur.

Die wat vreemde, maar vertrouwde groezeligheid herken ik in ‘De boodschapper’, de debuutroman van Wim van de Louw. Hij is journalist bij de Gelderlander en schreef een boek waarvoor onze stad het decor vormt. Zijn verhaal is een kleine ode aan de stad, met duistere ondertonen. Niet alleen in letterlijke zin: er komt nogal veel zwart voor in het boek, maar ook in figuurlijke zin. De levensgeschiedenis van de hoofdpersoon heeft enige duistere periodes gekend, waarmee hij probeert in het reine te komen. Onderwijl strijdt hij met een geheime sekte, zijn oude bazen op de krant, en zijn persoonlijke nukken die hem in de wegzitten waar ‘t gaat om persoonlijke relaties.

Voor wie Nijmegen kent, is het leuk om bekende plaatsen, cafés en personen in pseudoniem langs te zien komen. En boel namen kon ik plaatsen, maar de naam van de hoofdpersoon bleef voor mij een duister geheim. Robiwold? Als er lezers zijn die ‘m wel kunnen verklaren, houd ik me aanbevolen.

         

Geef een reactie

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.