>Leraar 2020 — een krachtig beroep!

>Het langverwachte actieplan leraren van staatssecretaris Zijlstra is uit. Het vervolg op het Actieplan Leerkracht van toenmalig minister Plasterk uit 2007 is ‘Leraar 2020–een krachtig beroep!’ gedoopt. Laat ik het gelijk toegeven: mijn aanvankelijke scepsis op basis van geluiden uit de wandelgangen was onterecht: ik vind het over het algemeen een goed plan. Het goede eraan vind ik, dat Zijlstra de twee grootste problemen in het onderwijs bovenaan zijn prioriteitenlijst heeft staan: de gebrekkige omgang met kwaliteitsontwikkeling van leraren in scholen (HRM-beleid in het jargon) en de aanhoudend matige prestaties van lerarenopleidingen.

HRM
In april rapporteerde Zijlstra nog dat de meeste scholen nu kwalitatieve criteria gebruiken voor beoordeling van leraren. Dat vond ik toen wat optimistisch. Gelukkig toont hij zich nu een stuk reëler in zijn constatering dat het onderwijs de sector is waar het minst aandacht wordt besteed aan functionerings- en voortgangsgesprekken. En een goede, structurele gesprekscyclus is de basis voor bekwaamheidsonderhoud.
Zijlstra besteedt ook aandacht aan kwaliteit van het leiderschap in het onderwijs. Dat was even taboe, en er werd zelfs op bezuinigd, maar Zijlstra brengt het thema weer terug. Er komen bekwaamheidsprofielen voor schoolleiders in het VO, zoals die er ook zijn voor PO-schoolleiders.

Zelfs de paragraaf over prestatiebeloning is genuanceerder dan ik aanvankelijk vreesde. Dit dossier lijkt een degelijke uitwerking te krijgen. Zijlstra gaat in VO en PO experimenteren met teamgerichte prestatiebeloning,  ondersteund met onderzoek, waarbij hij gebruikmaakt van een scala aan indicatoren, die worden uitgekozen door het veld zelf. 

Lerarenopleidingen
Hoewel Zijlstra de kwaliteit van lerarenopleidingen een kernprobleem vindt, blijven de maatregelen daar beperkt tot vooral meer nadruk op toetsen in de tweedegraads lerarenopleidingen. Zijlstra had wat mij betreft wel wat duidelijker mogen opschrijven dat de lappendeken van lerarenopleidingen in Nederland hard aan vervanging toe is. Nu verstopt hij in een alinea ergens achterin het plan het voornemen om ‘sectorplannen’ op te stellen die op langere termijn ‘samenwerking en taakverdeling’ tot stand moeten brengen. Voorlopig blijft het stelsel dus ongewijzigd en gaan we zelfs terug in de tijd met een specialisatie ‘jonge kind/oude kind’ op de pabo.
Naar mijn idee is juist een integrale visie op het opleiden van leraren nodig, en moet je toe naar meer integratie. Vooral ook omdat Zijlstra’s ambitie is om meer academici voor de klas te krijgen.

Die academici komen nu vooral van de eerstegraads opleidingen van de universiteiten, een route richting het onderwijs die voor veel studenten helemaal niet aantrekkelijk is. Daar zou Zijlstra meer aandacht voor mogen hebben, omdat het veel effectiever is om in een vroeg stadium ambitieuze, goede studenten voor het onderwijs te interesseren, dan gaandeweg middelmatige studenten met toetsen tijdens, en cursussen na de opleiding bij te willen spijkeren. Met een initiatief als Eerst de Klas, hoe prachtig dat ook werkt, redt hij het niet alleen.
Leraren beoordelen elkaar?
Veel aandacht is uitgegaan naar Zijlstra’s plannen voor ‘peer review’ waarbij leraren onderling elkaars lessen beoordelen. In de krant wordt de kop dan al snel: ‘Leraar controleert leraar‘. Terwijl het plan van Zijlstra genuanceerder is. Hij wil juist het gesprek (het ‘debat’ schrijft hij–ik had voor ‘de dialoog‘ gekozen) in de school over de kwaliteit van het onderwijs op gang brengen. Dat is alleen maar toe te juichen, lijkt mij. Het kan een belangrijke basis vormen onder de verdere ontwikkeling naar het leraarschap als volwaardige professie, omdat het de notie dat ‘goed onderwijs’ geen vaststaand gegeven is, als uitgangspunt neemt.
Een tweede belangrijke stap op weg naar een echte beroepsgroep is de instelling van een lerarenregister, te beheren door de nieuw op te richten lerarencoöperatie. Een dergelijke coöperatie, die een  organisatie voor leraren uit alle sectoren van het onderwijs wordt, zou een mooie basis kunnen vormen om de lappendeken van lerarenopleidingen uiteindelijk ook aan te passen.
Tot slot

Nog een principieel punt: Zijlstra geeft aan dat zijn doelstelling is dat de overheid zich zo ver mogelijk moet terugtrekken uit het onderwijs. Dat lijkt me een misvatting. In de eerste plaats omdat in de Grondwet staat dat ‘onderwijs voorwerp van aanhoudende zorg der regering’ is. En in de tweede plaats omdat onderwijs een van de belangrijkste instrumenten is die een overheid heeft om veel andere thema’s (werkloosheid, gezondheid, internationale innovatiekracht) te beïnvloeden. Daar moet je bovenop zitten, lijkt mij.

Al met al een nuchter, ambitieus plan van Zijlstra, dat de vinger op de zere plek(ken) in het onderwijs legt. Hiermee heeft hij de klippen van onderwijsideologie en gevestigde belangen weten te omzeilen. Benieuwd of de Tweede Kamer die nuchterheid ook weet op te brengen. En alles komt uiteindelijk aan op uitvoering, dus pas in 2020 zullen we echt weten hoeveel Zijlstra van zijn prioriteitenlijst heeft weten te realiseren.

         

3 gedachten over “>Leraar 2020 — een krachtig beroep!

  1. >@wrubens Wat mij betreft is het 'wat' en 'hoe' inderdaad moeilijk te scheiden. De overheid zal altijd iets over het 'hoe' moeten zeggen, al is het maar op heel abstract niveau. Je moet wel opletten dat je het niet te veel dichttimmert en meerdere opties voor invulling door scholen zelf openlaat. Belangrijker is om af te bakenen 'hoe in ieder geval niet', zodat al het andere overblijft wat scholen zelf verzinnen.
    Hier kun je zeggen: het 'wat' zijn betere onderwijsresultaten, en die worden volgens Zijlstra niet bereikt zonder een degelijk HRM-beleid. Dat ben ik met hem eens. Hij zegt daarbij niet: richt dat beleid zo-en-zo in, maar alleen: zorg ervoor dat leraren en leiding met elkaar, en onderling, praten over wat goed onderwijs is. Dus goed HRM-beleid kan van alles zijn, als het er maar toe leidt dat er betere gesprekken over kwaliteit gevoerd worden.

    Overigens vind ik het voorstel van Van Bijsterveldt voor verplichte toetsing na leerjaar 2 in het VO een slecht plan. Dat perkt veel te sterk in en schrijft wel maar een 'beste' manier voor aan scholen. We hebben met de centrale toetsing in de basisvorming destijds gezien tot wat voor ellende dat gaat leiden. De enige die daar beter van wordt is het Cito.

  2. >@wrubens nog even trouwens; er is wel degelijk een goede scheiding te maken tussen 'wat' en 'hoe', als je het vertaalt in 'doelen' en 'middelen'. Lang verhaal voor hier. Gerelateerde eerdere blogs die iets hiervan toelichten:
    http://bit.ly/ipSCLF
    http://bit.ly/jT2boX

    Zal er later nog eens uitgebreid op ingaan.

Geef een reactie

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.