Identiteit in beweging

Vorige week kwam de Onderwijsraad met het langverwachte advies over artikel 23 van de Grondwet, dat de onderwijsvrijheid regelt. Het probleem met het artikel is dat scholen hiervan volgens sommigen misbruik maken, door leerlingen te weigeren op oneigenlijke gronden. Dat zou segregatie in de hand werken. Ten tweede is de keuzevrijheid in de huidige uitleg van het artikel alleen mogelijk op grond van levensbeschouwing, terwijl de meerderheid van de Nederlandse bevolking zich anno 2012 niet meer verbonden voelt met een specifieke religie.

Het advies van de Onderwijsraad komt erop neer, om artikel 23 te behouden. Keuze- en stichtingsvrijheid voor ouders blijft dus overeind, net als de gelijkheid in bekostiging. Wel adviseert de Onderwijsraad om het begrip ‘richting’ wat betreft de grondslag van de school, los te laten. Er zou nog slechts een bepaalde groep ouders hoeven te zijn van voldoende grootte, die behoefte hebben aan een nieuwe school, om zo’n school te kunnen stichten.

Het mooie aan dit advies vind ik, dat de Onderwijsraad hiermee erkent, zoals ze zelf schrijft in de epiloog bij het advies, ‘hoe belangrijk het is voor mensen om vanuit hun eigen identiteit een brug te slaan naar anderen.’ Dat uitgangspunt staat namelijk ook centraal in de bundel Identiteit in Beweging, waar ik een bijdrage aan geleverd heb. Deze bundel verschijnt binnenkort bij CPS.

In deze bundel beschrijven we hoe opvattingen over identiteit in het onderwijs aan het verschuiven zijn. Veel mensen associëren identiteit onmiddellijk met levensbeschouwing en religie. En in dezelfde gedachte vragen ze zich dan af hoe relevant dat thema eigenlijk nog is. Heel relevant, denken wij. Maar niet meer exclusief in termen van de klassieke religies.

Het lastige is dat in veel scholen het gesprek over identiteit niet of nauwelijks meer gevoerd wordt. Dat geldt niet alleen voor de levensbeschouwelijke varianten, maar ook voor openbare of (bijvoorbeeld) Montessorischolen. Praten over identiteit maakt dat we ook iets van onszelf bloot moeten geven. Wat vinden we zelf eigenlijk van waarde? Welke ‘grondslag’, in welke vorm dan ook, van de school zouden wij tot het laatst toe willen verdedigen? Dat raakt aan diepe drijfveren en maakt kwetsbaar. Het mooie is, dat als het gesprek over identiteit wél goed gevoerd wordt, het vaak tot een nieuwe verbondenheid en inspiratie zorgt. Dat merken leerlingen direct in de manier waarop er met ze wordt omgegaan; en dat is de basis van onderwijskwaliteit.

In deze tijd lijkt het debat over kwaliteit alleen nog te gaan om Citoscores, rendementscijfers en eindexamengemiddelden. Dat is een te beperkte opvatting van kwaliteit, daarover zijn velen het wel eens. Maar het is lastig om over de bredere kwaliteit te praten, omdat je dan al gauw op multi-interpretabele begrippen als ‘vertrouwen’, ‘burgerschap’ en ‘ontwikkeling’ terechtkomt. Wat op de ene school met ‘vertrouwen’ wordt bedoeld, verschilt van die van de andere school. Dat raakt aan kernwaarden, en kernwaarden raken aan identiteit. Je zult dus over identiteit moeten praten, als je het over de brede kwaliteit van je school wilt hebben. Daarmee open je onvermijdelijk ook het gesprek over individuele identiteit, van leraren en leerlingen.

Dat is spannend, maar het stelt ons in staat, zoals de Onderwijsraad schrijft, bruggen te slaan naar anderen, die een identiteit hebben die misschien net iets verschilt van die van ons. Daar waar we net doen of we geen identiteit hebben, of verkrampt vasthouden aan een achterhaalde opvatting van een specifieke identiteit, ontstaan die verbindingen niet. Zolang we onze eigen identiteit niet onderzoeken, zullen we ook die van anderen niet leren kennen.

Daarom is het zo belangrijk dat artikel 23 overeind gehouden wordt. In het Verenigd Koninkrijk is het afgelopen decennium geëxperimenteerd met het geven van steeds meer vrijheid aan scholen, in zogenaamde ‘academies’. Dit is zo’n succes, dat de overheid daar nog een stap verder is gegaan, en nu ook ‘free schools’ toestaat. Ouders en anderen kunnen zelf scholen oprichten, als ze denken een beter idee voor het onderwijs aan hun kinderen te hebben. Dit wordt dan door de overheid gefinancierd. Inderdaad, dat lijkt verdacht veel op wat de Onderwijsraad nu adviseert. Alle reden dus om dit advies snel over te nemen. Meer over de free schools in het filmpje hieronder.

         

Geef een reactie

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.