Post Mortem

post mortem“We beheersen niet, we beheren slechts”, merkte de generaal haast terloops op aan het eind van zijn betoog, waarin hij met ons wat van zijn ervaringen had gedeeld als hoogste commandant van 45.000 soldaten uit meer dan 20 landen, die in Afghanistan de vrede moesten bewaken. Uit zijn mond klonk dat verrassend bescheiden, nederig haast, en tegelijk zeer overtuigend.

Minder bescheiden is de ambitie die hoofdpersoon Steegman uit Post Mortem, de AKO-prijswinnende roman van Peter Terrin, zich stelt. Steegman, een schrijver, krijgt op zekere dag de duivelse ingeving voor een roman, die zijn op diepere betekenis beluste biograaf (mocht die zich aandienen) zal laten zien dat zijn leven niet de moeite van het psychologiseren waard is.

Steegman schept, als een kat die een muis te grazen gaat nemen, genoegen in het vooruitlopen op en spelen met mogelijke interpretaties van zijn te verschijnen roman. En daarmee speelt Terrin net zo goed een spelletje met ons, lezers. Wat wil hij ons tonen? Dat hij als romanschrijver uiteraard nog subliemer is dan Steegman, omdat hij nu eenmaal de roman schrijft waarin Steegmans zijn roman concipieert?

Maar het duivelse plan wreekt zich. Steegman heeft, door zo nauw op zijn eigen huid te blijven, z’n ziel verkocht, alleen om te laten zien hoe hij als God de werkelijkheid van zichzelf en van zijn lezers kan beheersen.

Maar wij beheersen niet, wij beheren slechts.

Dat beheren gaat Steegman niet goed af. Het verhaal neemt een dramatische wending als zijn dochtertje plots iets overkomt. Even genadeloos als hij zijn lezers te grazen wilde nemen, neemt de werkelijkheid hem te grazen. Onafwendbaar moet hij toezien hoe hij los moet laten, de ene zekerheid na de andere.

Tegelijkertijd weet Terrin nog steeds het verhaal te beheersen, en dwingt ons, lezers, weer om het perspectief van Steegman los te laten. Hoezeer we ook in het verhaal zouden willen stappen om hem te helpen, en bij te staan, Terrin laat het niet toe en duwt ons steeds verder op afstand, als een politiecordon rond ‘plaats delict’.

De droge, felle stroken waarmee Terrin de gang van zaken rond ziekenhuis en revalidatie van Steegmans dochtertje schetst, behoren tot de meest aangrijpende die ik ooit gelezen heb. Te bedenken dat de plot van dit boek niet alleen zo bedacht is, maar ook in werkelijkheid zich zo heeft afgespeeld, vond ik huiveringwekkend om te lezen. Een nederig stemmend boek.

PS Literatuurkenners! Is Post Mortem nu een oprecht voorbeeld van ‘New Sincerity’? Of juist een cynisch nieuw-postmodern voorbeeld van het tegenovergestelde? Uw onderbouwde mening graag hieronder of naar @hartgerwassink. Dank!

         

Geef een reactie

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.