Mijn reactie op #SamenLeren

Vorige week verscheen de notitie Samen Leren. De groep vraagt expliciet om een reactie op zijn Facebookpagina, en ik wil die graag geven. Ik plaats hem ook hier op mijn eigen weblog. Laat ik beginnen met te zeggen dat ik het succes van het initiatief bewonder. Het is uniek dat een groep leraren en schoolleiders zo direct invloed heeft op het regeringsbeleid. En het is broodnodig om de ervaringen en inzichten uit de dagelijkse werkelijkheid van de school in te brengen in het overheidsbeleid. Dat gebeurt te weinig. Ik hoop daarom ook dat dit initiatief een breekijzer is geweest, waarmee politiek, beleid en bestuurders gaan beseffen dat het niet langer over, maar met ‘het onderwijs’ moet gebeuren.
Tegelijk zit daar mijn vraag: wie is ‘het onderwijs’? De leraren (en enkele schoolleiders) hebben nu het initiatief naar zich toe getrokken. Maar het onderwijs bestaat uit meer partijen, in de eerste plaats vooral leerlingen. En daarnaast ook ouders. In de ‘driehoek’ leraren-ouders-leerling ligt de kern van goed onderwijs.
De tweede vraag die ik heb sluit daar weer op aan: wat is goed onderwijs? De notitie wijkt qua jargon niet veel af van het heersende meritocratische en performatieve jargon van excellent, presteren en selectie. Er zijn boeken (niet in het minst Het Alternatief zelf) die beschrijven hoe gevaarlijk die denkwijze is, omdat we daarmee een cultuur van ‘scoren’ bestendigen, waar wij in de maatschappij zo veel last van hebben. Hoe onderwijs en samenleving daarin nauw verbonden zijn, heeft Paul Verhaeghe beschreven.
Mijn kernprobleem met de notitie is, dat er te veel zekerheid van uitstraalt. “Als we het zo doen, dan komt het goed.” Gert Biesta beschrijft in zijn laatste boek The Beautiful Risk of Education waarom onderwijs vooral gezien moet worden als een proces waarin we onzekerheid, twijfel, en onderbreking toe moeten laten. Omdat daarin ontwikkeling (creatie) in vrijheid tot bloei komt. Ik beschrijf het nu klunzig, Biesta kan het veel beter, en ik heb het hier wat beter gedaan misschien. En gelukkig zitten er in de groep rond Samen Leren mensen die Biesta ook kennen en gelezen hebben, misschien wel beter dan ik.

Wat ik wil zeggen is, dat we moeten opletten dat we met deze beweging niet dezelfde fout maken als we de ‘heersende machten’ tot nu verwijten: dat we ons focussen op scoren, selecteren, prestaties en excellentie. En daarmee vergeten dat goed onderwijs gaat om dialoog, onzekerheid, durven laten zien van wat je niet weet, twijfel kunnen hanteren.

En ik wil er nog iets aan toevoegen. Ik volg onderwijsontwikkeling nu zo’n 10-15 jaar. Als relatieve buitenstaander. Dat maakt mijn positie gevoelig voor kritiek, zoals René Kneyber die formuleerde. Maar ik hoop dat ik als ouder, vrijwilliger, adviseur en onderzoeker aan een lerarenopleiding en lid van de samenleving die over 20 jaar geleid wordt door de kinderen die nu in het onderwijs worden gevormd en opgeleid, toch enige grond heb om op te staan voor mijn argumentatie.
In de afgelopen jaren heb ik gezien dat de vernieuwingen nooit alleen door leraren zijn ontwikkeld. Het is altijd een samenspel van leraren, leerlingen, ouders en andere ‘buitenstaanders. Soms nemen leraren het initiatief, soms ouders, soms het bedrijfsleven. De overheid vrijwel nooit, althans niet succesvol. Leraren zijn natuurlijk als professionals ongelooflijk belangrijk erin. Maar ze kunnen dat niet zonder heel goed te kijken en luisteren naar wat leerlingen en ouders hun te vertellen hebben over hun behoeften. En ook niet zonder de samenwerking met andere partijen, ook buiten het onderwijs.
Ik noem er een paar:

  • De School in Zandvoort biedt gepersonaliseerd onderwijs, 50 weken per jaar. Dit is een initiatief genomen door een buitenstaander, die zag dat die behoefte er was onder ouders. Leraren die er werken zijn tevreden; maar leraren in Nederland zijn in meerderheid nog erg huiverig voor dit idee
  • Agora in Roermond biedt ook gepersonaliseerd onderwijs. Dit is een initiatief dat genomen is door de school, maar waar de samenwerking met bedrijven en ouders die zo moedig zijn hun leerlingen ervoor aan te melden, onontbeerlijk is.
  • de iPad-scholen, ofwel het ON4T-concept, is ontwikkeld door leraren, maar op initiatief van een ouder die heel graag modern onderwijs voor zijn eigen kinderen wilde
  • de Vakcolleges betekenen de redding voor veel leerlingen in het vmbo, die vooral praktisch zich willen ontwikkelen. De samenwerking met het bedrijfsleven is hier de hoeksteen

Ik zou heel graag die dialoog tussen verschillende groepen open willen houden. In de erkenning dat niemand van ons in zijn eentje de sleutel heeft. Dat we het nooit zeker weten, hoe het zal moeten. De enige uitweg is, denk ik, om telkens met elkaar naar onderwijspraktijk te kijken en ons af te vragen: is dit goed onderwijs? En daarvoor samen heel goede onderbouwing zoeken. Daarvoor is het nodig dat we elkaar blijven betrekken, niet de machtskaart spelen, en vooral: vanuit leerlingen en hun rol in de toekomstige maatschappij blijven denken. Als dit initiatief daartoe een aanzet vormt, dan kunnen we samen echt een stap verder komen.

         

4 gedachten over “Mijn reactie op #SamenLeren

  1. Een goede reactie op dat ‘Samen leren’! Ik stond er ook van te kijken, hoezeer die plannen afwijken van wat je gegeven eerder publicaties en uitspraken zou verwachten.

  2. Ik plaats hier mijn reactie op Kneyber’s betoog over het boek ONDERWIJSHELDEN waarin hij wederom het argument gebruikt van “als je geen leraar bent heb je geen recht van spreken”. Het past goed bij wat Hartger hier inbrengt. Ik ben het met je eens Hartger. Juist het voortdurend zoeken naar een breed gedragen legitimatie van onderwijs maakt het alleen maar beter. Niet meer van hetzelfde. Hier komt ie:
    Wat fijn dat juist zo veel mensen die niet direct in het onderwijs werkzaam zijn zich ermee bemoeien. Want dat heeft het onderwijs nodig. En wat fijn dat juist zoveel onderwijsmensen blij zijn met die bemoeizucht. Want zij weten dat er onderwijs nodig is vanuit het hart. En zij weten dat je dat niet bereikt door meer regels of zelfs meer geld. Ook het verbeteren van de positie van de leraar, hoe nobel ook, zal daar niets aan veranderen. Het feit dat je leraar bent zegt op zich nog niet zo veel over hoe je vindt dat ons onderwijs eruit moet zien. Ik stel bijvoorbeeld die vraag expliciet aan de schoolkinderen zelf. Opzienbarend wat een mooie en wijze antwoorden je dan krijgt! René Kneyber, ik raad je aan om eens met andere ogen te kijken naar welke “vernieuwing” er dan uit dit boekje straalt. Ik heb toch het idee dat je niet helemaal de kwintessens (heb ik dit goed geschreven?) hebt gevat. Fijn dat jouw denkbeelden nu zo veel aandacht krijgen in politiek Den Haag, dat gun ik je echt. Maar je hebt een ander verhaal dan de mensen die met dit boek hebben meegedaan, geheel belangeloos en niet vanuit hun eigen beroepsgroep. Het probleem van het woord innovatie is, dat het één grote soep wordt. Dan kom je nergens. Lees het boek eens met je hart en niet vanuit je haat tegen de wereld. En tegen mensen waarvan jij zelf vindt dat ze geen recht van spreken hebben “omdat ze geen leraar zijn”. Stap eens uit je eigen cirkelredenering de wereld in.

Geef een reactie

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.