Inleiding Policy Governance: het cirkelschema

Het is weer de tijd van de zelfevaluaties van raden van toezicht. Dat is een goede zaak. In diverse governance-codes is opgenomen dat een raad van toezicht haar eigen functioneren regelmatig evalueert. In de praktijk betekent dat, dat de raad eens in het jaar wat langer stilstaat bij het eigen functioneren. Vaak wordt dan om het jaar daar een externe begeleider bij gevraagd, die met de blik van buiten de RvT kritisch op het eigen functioneren kan bevragen. Die rol mag ik af en toe spelen. Dat vind ik leuk werk om te doen, en regelmatige lezers van dit blog weten dat ik me daarbij laat inspireren door het Policy Governance®-systeem. Dat is een prachtig systeem, waar in het Nederlands helaas veel te weinig informatie over beschikbaar is. Ook in het Engels trouwens, maar dat is een andere kwestie. In deze rustige week heb ik een middag besteed aan het maken van een korte inleiding op Policy Governance, en meer specifiek op het cirkelschema.

Cirkelschema PG algemeenHet mooie van het cirkelschema is, dat dit in één oogopslag in beeld brengt waar Policy Governance over gaat. Namelijk over de expliciete criteria (ofwel de ‘policies’ waar het model zijn naam aan ontleent die de toezichthouder hanteert om het beleid van het bestuur mee te beoordelen. Die criteria formuleert de toezichthouder vooraf, en hierbij wordt onderscheid gemaakt in vier domeinen.

Dat vooraf formuleren vinden veel toezichthouders een hele klus, laat staan het ook nog eens op papier zetten. Het nadeel daarvan is, dat veel raden van toezicht met impliciete criteria werken. Tijdens de vergadering, zodra het voorstel van de bestuurder, of de resultaten van het beleid, op tafel liggen, worden die criteria pas expliciet gemaakt. Dan blijkt ook nog eens dat leden van de raad er verschillend over denken. Welk besluit er valt, hangt dan te veel af van het gesprek op dat moment, zelfs van de al dan niet toevallige aan- of afwezigheid van bepaalde leden van de RvT. Voor de bestuurder geen ideale situatie, omdat hij of zij dan nooit helemaal weet wat hij of zij kan verwachten. Het leidt ook niet altijd tot de meest efficiënte en effectieve vergaderervaring van alle betrokkenen.

Policy Governance beoogt dat probleem te verhelpen, door van de toezichthouder te verlangen die criteria dus wél vooraf expliciet te maken. Dat is even een klus om hiermee te beginnen, maar het mooie is, dat dit gaandeweg een mooi houvast en een levend ‘handboek’ kan bieden voor toezichthouder en bestuurder.
Tot slot, last but not least, biedt het de toezichthouder een compleet raamwerk om verantwoording naar de buitenwereld (en dan vooral naar de ‘morele eigenaren’) af te leggen over het gevoerde beleid. Dat verhoogt de transparantie en versterkt de bestuurlijke legitimiteit van de raad van toezicht.

De vier domeinen voor criteria zijn verdeeld in inhoudelijke criteria, en criteria voor de raad van toezicht zelf. De inhoudelijke criteria gaan over:

  • beoogde resultaten, en
  • grenzen aan de handelingsruimte van de bestuurder

En de criteria voor de raad van toezicht zelf hebben betrekking op:

  • de verhouding toezichthouder-bestuurder, en
  • de interne werkwijze van de raad van toezicht

In deze pdf een korte inleiding op het schema en de onderdelen ervan.

         

Geef een reactie

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.