Bestuurders als mens

In mijn blog van 27 november gaf ik aan dat ik veel moeite heb met eendimensionale stukken in de krant, maar ook uitspraken van kamerleden, bewindslieden en wetenschappers waarin bestuurders in het onderwijs worden weggezet als de boeman (en een enkele vrouw). Over wie hebben ze het, denk ik dan? Wat helpt het ons nu, om in zulke simpele schema’s te denken? En niet alleen dat: ik maak me ook zorgen, over het voorbeeld dat we daarmee geven, aan de leerlingen die we willen opvoeden, opleiden, vormen tot degenen die straks in staat zijn een maatschappij van verscherpte tegenstellingen, die wij hebben gecreëerd, weer wat leefbaarder te maken. Dat zal ik uitleggen.

Eerst een paar anekdotes.

Het meisje had haar eerste proefwerkweek in 3vwo verknald, omdat haar opa op sterven lag. Op sommige scholen mag je dan herkansen. Op haar school niet. De mentor had haar in plaats daarvan aangeraden om een faalangsttraining te doen.

De kleuter liep met zijn schaartje door de klas. De juf zei: ‘Dat is de derde keer vandaag dat je je schaar verkeerd vasthoudt. Ga jij maar even op de gang staan.’ Het jongetje gehoorzaamde verbaasd, niet-begrijpend wat de gang met die schaar te maken had.

De pabostudent vertelde over haar stage op een school met vier parallelklassen groep 3. De leerkracht waar ze bij stage liep, lag met haar klas voor met rekenen en had van haar collega’s uit de andere groepen te horen gekregen dat ze even een week niet moest rekenen met haar kinderen. De stagiaire had het erg raar gevonden, maar de positieve kant was, dat ze nu tenminste toekwam aan de niet-methodegebonden werkvormen die ze nog met de leerlingen moest uitproberen tijdens haar stage. Dat kon eerder niet, omdat het niet in de methode paste.

Een jonge wiskundeleraar, met een speciale regeling rond tekortvakken binnengehaald, had zin in zijn eerste dag. Een collega uit de sectie was in de lerarenkamer naar hem toegekomen en had gezegd: ‘Zo, dus jij bent het neusje van de zalm? Ik wens je veel succes.’

De overeenkomst tussen deze verhalen is, dat ik, toen ik ze hoorde, een opkomende woede nauwelijks kon onderdrukken. Hoe durven die leraren? Schandalig, om zo over de gevoelens van een meisje heen te walsen! Debiel, om anno 2015 kleuters nog de gang op te sturen! En ik weet niet wat ik erger vind: zo strikt vasthouden aan een rekenmethode dat je geen ruimte geeft aan een stagiaire voor haar extra opdrachten, of een week niet rekenen omdat 120 leerlingen per se allemaal met Kerstmis op dezelfde pagina in het rekenboek moeten uitkomen. Om over die laatste ‘collega’ maar te zwijgen.

Maar met een paar keer diep ademhalen zakt de woede dan weer. Want wat weet ik verder eigenlijk van die kinderen en die leraren? Misschien is dat meisje inderdaad wel heel faalangstig, en was dit incident in de proefwerkweek voor de mentor een goede aanleiding nu eens door te pakken. Beter in vwo-3 aangepakt dan in vwo-5 met nog grotere brokken zitten.
Misschien liep die stagiaire wel stage op een school waar een paar jaar daarvoor een aantal leerlingen ernstig achterliepen met rekenen, wat pas in groep 5 ontdekt werd. En waren daarom dit jaar de teugels wat strakker aangetrokken, in het belang van de kinderen.
En als ik het persoonlijke verhaal van de kleuterjuf en de oudere wiskundedocent zou horen, dan zou ik misschien ook kunnen begrijpen waarom ze reageerden, zoals ze deden.

Kwetsbaarheid

Kortom, ik zou deze leraren kunnen gaan begrijpen, als ik niet naar ze kijk als object, als ik ze niet laat samenvallen met hun functie. Als ik me verplaats in hun positie en ze probeer te zien als de mensen die ze zijn. Als ik vertrouw op hun goede intenties, hun drijfveer om het beste te willen voor al hun leerlingen, en als ik besef dat ze zich allemaal realiseren hoe kwetsbaar ze zijn in hun beslissingen, omdat ze altijd wel ergens tekortschieten, maar die kwetsbaarheid niet altijd durven tonen.

Zo lees ik ook verhalen over bestuurders en leidinggevenden. Die megalomaan zijn, machtsbelust, inspraakprocedures negeren, niet met docenten in gesprek willen, nooit in de klas komen, opleggen dat Zwarte Piet verboden moet worden, alleen aan hun eigen salaris denken en dat van docenten afknijpen, bouwplannen doordrukken tegen de wens van buurtbewoners in. Enzovoort.

We kunnen die naar bestuurders kijken als objecten, ze laten samenvallen met hun functie. Of we kunnen ons in hun positie verplaatsen. Vertrouwen op hun goede intenties, hun drijfveren het beste te willen en besef hebben van hun kwetsbaarheid, waar ze zich maar al te goed van bewust zijn, omdat ze altijd wel ergens tekortschieten, maar die ze niet altijd durven tonen.

Subjectivering

Zo naar bestuurders kijken, dat maakt mensen van ze. Dan subjectiveren we, in de tweeledige betekenis van het woord. Niet alleen beschouwen we bestuurders als zelfverantwoordelijk, creërend subject, maar we onderwerpen (sub-ject) ons ook aan die interactie. Dan ontstaat ruimte voor de ontmoeting als mensen. Dat is een risico, maar daaruit kunnen prachtige dingen voortkomen, zoals Gert Biesta beschrijft.

We kunnen er ook voor kiezen dat niet te doen. Dan dehumaniseren we bestuurders, dan veroordelen we ze bij voorbaat, omdat ze nu eenmaal een bepaalde positie hebben. In sommige opzichten is dat makkelijker, prettiger ook, omdat je je niet hoeft te verplaatsen in een ander, en het risico loopt erachter te komen dat de zaken misschien anders liggen dan je aanvankelijk dacht.

Ik denk dat een van de belangrijkste opdrachten van het onderwijs is, om te laten zien dat je altijd moet proberen de ruimte te maken om de ander als mens te zien, en ook zo te behandelen. Dat heb ik niet van mezelf, dat gaat terug op Immanuel Kant, onder andere. Als we het belangrijk vinden dat leraren zo’n houding aannemen ten opzichte van hun leerlingen, dan geldt dat denk ik ook voor de andere verhoudingen in het onderwijs. Tussen leraren en ouders, leraren en leidinggevenden, samenleving en bestuurders. Als we dat in het onderwijs al niet kunnen voorleven, waar moeten leerlingen het dan leren?

         

Geef een reactie

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.