De Post-It-interviewmethode

Vraag: voor een artikel over deze methode ben ik benieuwd naar ervaringen. Gebruik je deze methode voor je onderzoek (master, promotie, of anderszins)? Laat het me weten, en wat je ervaring is. Vul daarvoor deze korte vragenlijst in. Veel dank!

Een van de meestgebruikte manieren van gegevensverzameling in kwalitatief onderzoek is het interview. Dat ligt voor de hand, omdat, als er geen grootschalig vragenlijstonderzoek plaatsvindt, het stellen van vragen aan respondenten een logisch alternatief is om te weten wat er in de gedachten van iemand omgaat. Toch is het minder logisch dan het lijkt: interviews zijn vaak tijdrovend om uit te voeren, leveren grote hoeveelheden ongestructureerde data op en leiden tot ingewikkelde validiteitsvraagstukken bij de analyse en verslaglegging. Een belangrijke criticus van interviews als zwaartepunt in kwalitatief onderzoek is de Britse onderzoeker David Silverman.

Een goed interview houden is een kunst. De jaarlijkse discussies rond de presentator van het tv-programma Zomergasten (een van de weinige momenten dat een interview live en integraal wordt uitgezonden) zijn daar een mooi voorbeeld van. Hoewel de meeste opleidingen in de sociale wetenschappen wel aandacht besteden aan gesprekstechnieken, en iedereen weet wat het voordeel is van open boven gesloten vragen, blijkt in de praktijk moeilijk een geslaagd vraaggesprek te voeren. Het is natuurlijk heel goed te oefenen, maar helaas wordt daar vaak maar weinig aandacht aan besteed op het moment dat een (beginnende) onderzoeker besluit de boer op te gaan om gegevens te verzamelen.

Interview als methode van kwalitatief onderzoek

Er wordt meestal gekozen voor interviews, omdat het een manier van onderzoek doen is, die op het eerste gezicht vrij makkelijk lijkt te organiseren. Wat is er makkelijker dan een paar informanten vragen naar hun ervaring of mening met betrekking tot een bepaald sociaal fenomeen? Vaak wordt er dan van te voren een serie interviews gepland, die in een relatief kort tijdsbestek worden afgenomen. De interviews worden meestal integraal opgenomen, en al dan niet met behulp van externe ondersteuning letterlijk uitgewerkt–monnikenwerk dat een veelvoud van de tijd van het interview kost. Dan, als de ruwe interviews uitgewerkt zijn, begint pas de inhoudelijke fase: de analyse. In kwalitatief onderzoek gaat het vaak om de betekenis achter de eigenlijke woorden van de respondent en worden daarom tekstfragmenten van elkaar onderscheiden en gecodeerd met diverse typen trefwoorden.

Aan de hand van die trefwoorden wordt, afhankelijk van de gekozen benadering en onderliggende theorie, een duiding gegeven van wat de respondent heeft bedoeld te zeggen. In het gunstigste geval wordt deze duiding vervolgens aan de respondent voorgelegd, de zogenaamde ‘member check’, waarbij wordt gevraagd of de interpretatie van het interview klopt, ook in de ogen van respondent. Gezien de lange doorlooptijd tussen interview en het teruggeven van het geïnterpreteerde interview (in het gunstigste geval enkele weken) is het maar de vraag of de respondent daar nog iets zinnigs over kan zeggen. Waarschijnlijk interpreteert de respondent het voorgelegde document met zijn mening van dat moment, niet van het moment van het interview, wat de bijdrage van voorgestelde wijzigingen aan de validiteit van het interview discutabel maakt. De al eerder geciteerde David Silverman heeft nog ernstiger bezwaren tegen de validiteit van het interview als manier van gegevensverzameling, die ik hier nu onbesproken laat.

Vanwege deze nadelen van het interview, die zich vaak pas aandienen als de interviews al achter de rug zijn, en met veel pijn en moeite zijn uitgetypt, heb ik zelf een interviewmethode ontwikkeld die een aantal van de nadelen van gangbare interviews als onderzoeksmethode beoogt te ondervangen.

Ondanks, zoals in het vorige artikel al aangehaald, de bezwaren die tegen interviews in te brengen zijn, kan het een aantrekkelijke en praktische vorm van gegevensverzameling zijn. Met de aanpak die ik hier presenteer, de zogenaamde ‘Post-It’-methode denk ik enkele problemen deels te verhelpen en er zo voor te zorgen dat een interview ook in de uitvoering een betrouwbaar, valide en efficiënt instrument is.

De Post-It-interviewmethode is gebaseerd op de Rich Picture Methode (Monk & Howard, 1998). Deze methode is mij ooit uitgelegd door Bregje de Vries, toen wij deze bij CPS gingen gebruiken in een onderzoeksproject. Hier vind je de CPS-uitwerking ervan. In deze methode worden interviews gestructureerd aan de hand van een tekening of schema die tijdens het interview door de geïnterviewde zelf werden gemaakt. Het schema wordt opgebouwd op zelfklevende notitieblaadjes: vandaar de naam ‘Post-It’-methode.

Hoe gaat het in zijn werk?

In het kort komt het erop neer dat de geïnterviewde gevraagd wordt om op drie momenten het interview tot dan toe samen te vatten in trefwoorden. Deze trefwoorden worden opgeschreven op zelfklevende notitieblaadjes. Aan het eind van het interview wordt de geïnterviewde gevraagd om de notitieblaadjes te ordenen, zodanig dat ze een goede weergave van het interview zouden geven. Dat kan op verschillende manieren, daarover verderop meer. Het interview resulteert dan in a) een schema van trefwoorden die door de geïnterviewde met elkaar in verband zijn gebracht; b) de uitleg die de geïnterviewde daarbij geeft; c) de aantekeningen van de onderzoeker tijdens (en na) het interview en d) de opname van het interview zelf. Voor de analyse kan het schema, met de uitleg van de geïnterviewde, het uitgangspunt vormen; de opname (laat staan de volledig uitgewerkte tekst) dient vooral als achtergrondinformatie, en niet als primaire bron.

Het interview heeft, net als bij andere semi-gestructureerde interviews, geen voorgeschreven lengte. Normaal gesproken zijn tijdseenheden van 10-15 minuten, voordat er trefwoorden geschreven worden, een goede tijdsperiode. Wordt het korter, dan is er soms nog weinig gezegd. Wordt het langer, dan is er soms te veel gezegd, zodat de geïnterviewde niet alles meer terug kan halen. Dit is echter zeer afhankelijk van het onderwerp en de persoonlijkheid (en spreeksnelheid!) van de geïnterviewde. Het is van belang vooraf goed aan de geïnterviewde duidelijk te maken wat de werkwijze is, en op welke momenten je af en toe (soms wat ruw) het gesprek zult onderbreken.

Hoe het interview wordt uitgevoerd (als een open interview, semi-gestructureerd, of volledig gestructureerd) is helemaal afhankelijk van de onderzoeksvraag en het onderzoeksdoel. Aan de andere kant: omdat je van te voren bepaalt op welke momenten je het gesprek stillegt, zul je vaak ook al verschillende thema’s kunnen formuleren, die je in de verschillende ‘blokken’ van het interview aan de orde stelt. Om die reden zal het interview vaak semi-gestructureerd zijn.

Trefwoorden schrijven en ordenen

Hoe de trefwoorden op de plakbriefjes worden geordend tijdens het interview, is afhankelijk van de onderzoeksvraag. Het is belangrijk de geïnterviewde de eerste keer even te begeleiden in het schrijven van trefwoorden. Sommige deelnemers hebben de neiging te veel trefwoorden of hele zinnen op de briefjes te schrijven. Daarmee leggen ze al verbanden of ordeningen op een briefje vast, terwijl je als onderzoeker juist wilt dat nog eens reflecteren op mogelijke alternatieve ordeningen of verbanden. Als je daar in de eerste ‘ronde’ mee helpt, is het voor de latere rondes vaak wel duidelijk.

Het ordenen gebeurt gewoon op tafel, of, als de onderzoeker het schema mee wil nemen, op een A3- of A2-vel. Grotere vellen (flap-over vellen bijvoorbeeld) zijn ook mogelijk, maar in de praktijk wat onhandiger. Mogelijkheden voor het aanbrengen van ordening of verband zijn:

  • Naar prioriteit (het belangrijkste bovenaan)
  • Naar cluster (wat hoort bij elkaar?)
  • Naar beïnvloeding (hoe is de ene factor van invloed op de andere?)
  • (een andere manier, die beter bij je onderzoeksvraag past)

De interviewer zorgt ervoor dat het schema dat zo ontstaat, goed toegelicht wordt door de geïnterviewde, en maakt hier precieze aantekeningen van. Ook dit is een belangrijke stap: de geïnterviewde is, terwijl hij/zij naar het schema kijkt, hardop aan het denken. Dat leidt soms tot halve zinnen, tegenstrijdige opmerkingen, het herroepen van eerdere interpretaties etcetera. Dit is voor de interviewer de lastigste fase. Aan de ene kant wil je het denk- en interpretatieproces van de geïnterviewde de ruimte geven, maar aan de andere kant wil je er ook een (voorlopig) einde aan brengen, om een bepaalde interpretatie vast te leggen. Wees niet bang af en toe een opmerking van geïnterviewde te herhalen, om zeker te weten dat je het goed begrepen hebt, en noteer die uitspraak dan zoveel mogelijk letterlijk.

Tijdens het interview hoeft er niet zoveel opgeschreven te worden, maar het resultaat van het interview moet goed vastgelegd worden, omdat op een later moment de trefwoorden en de clusters alsnog lastig te interpreteren blijken te zijn. Van het schema wordt tot slot een (digitale) foto gemaakt die gebruikt wordt voor de analyse. Zorg ervoor dat de foto scherp genoeg is voor de analyse! Zoals gezegd kan het papieren schema ook worden meegenomen voor het onderzoeksarchief.

Voordelen van deze methode

Het belangrijkste voordeel van de methode is dat het de validiteit van het interview vergroot: het zorgt ervoor dat de geïnterviewde nog tijdens het interview reflecteert op datgene wat aan de orde is geweest. De geïnterviewde checkt als het ware zijn of haar eigen uitspraken en vat deze samen. In een gangbaar interview zijn dit stappen die door de interviewer worden gezet, en die vervolgens aan de geïnterviewde ter instemming kunnen worden voorgelegd. Daarmee bestaat er een grotere kans op inkleuring van het verhaal van de geïnterviewde door de interviewer.

Een tweede voordeel van deze methode is dat het interview voor de geïnterviewde zelf direct feedback geeft. Hij of zij krijgt door de structuur van het gesprek direct terug te zien wat hij of zij zelf gezegd heeft. Doorgaans leidt dit bij de geïnterviewde ook tot verheldering van de situatie die onderzocht wordt, waardoor de geïnterviewde soms nog extra, aanvullende informatie geeft die pas bij door dat nieuwe inzicht duidelijk wordt. De informatie is dus betrouwbaarder, omdat de geïnterviewde zijn/haar uiteindelijke antwoorden nog eens kan overdenken.

De geïnterviewde zelf ziet, ten derde, direct resultaat van het interview. Vaak wordt het nieuwe inzicht dat opgedaan wordt door de geïnterviewde zelf, zeer gewaardeerd. Het maakt het interview een meer waardevolle ervaring voor de geïnterviewde, en daarmee is de kans groter dat ze (nog eens) mee willen doen.

Ten vierde, ook belangrijk voor de validiteit, heeft de interviewer heeft een neutraal instrument om het interview structuur te geven. Vaak is het bij open interviews moeilijk om de geïnterviewde te onderbreken of op een ander spoor te zetten. Door zo expliciet samen te vatten en hierbij de regie bij de geïnterviewde zelf te leggen, ontstaat een natuurlijke breuk in het gesprek en kunnen er andere thema’s naar voren worden gebracht.

Tot slot is de winst in tijd een belangrijk voordeel. Het scheelt de interviewer veel werk bij het achteraf uitwerken van een ongestructureerd interview. De belangrijke eerste stap (samenvatten, aanduiden van belangrijkste factoren en samenhangen) heeft de geïnterviewde al zelf gedaan. Het is niet langer nodig om het basisinterview in zijn geheel uit te typen en segment voor segment te analyseren.

 

Literatuur

Monk, A., & Howard, S. (1998). The Rich Picture : A Tool for Reasoning About Work Context. Interactions, 21-30.

         

3 gedachten over “De Post-It-interviewmethode

Geef een reactie

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.